Tijd-/ pijnverdrijf

Ik sneed me tijdens de afwas aan een botermes, maar merkte het amper op. Wanneer je bezig bent, heb je geen tijd om (pijn) te voelen. Kijk maar naar mij en het botermes. Als mijn keukenhanddoek niet stilaan donkerrood had gekleurd, had ik er zelfs geen erg in gehad.

Ik maak niet graag tijd om verdrietig te zijn. Mijn afwas laat ik dan ook nooit langer dan twee dagen op rij staan.

Neem mij mee

Al van jongs af aan ben ik op zoek naar een compacte vorm van bestaan. Wanneer ik me neerplof in de zetel druk ik mijn benen steevast dicht tegen me aan. Tegen etenstijd plooi ik ze aan tafel behendig onder me. Ik beeld me dan stiekem in dat alles wat buiten het veilige oppervlak van de stoel valt lava is. ’s Nachts rol ik mijn benen op totdat ik een bolletje van armen en benen ben. Het lijkt soms alsof ik bang ben dat mijn benen er op een dag zonder mij vandoor zullen gaan.

Al van jongs af aan ben ik op zoek naar een compacte vorm van bestaan. En ik blijf oefenen tot ik op een dag opvouwbaar ben en in je binnenzak pas.

(Neem mij mee.)