Om bij weg te dromen

Moest dromen een voltijdse baan zijn, zou ik er ongetwijfeld ontzettend rijk mee worden. Dan reef ik zoveel kleurrijke briefjes en glanzende munten binnen dat mijn droomhuis ervan zou uitpuilen. Dan gaf ik een feest als ik Samson en Gert-gewijs de kaap van één miljoen bereikte en trakteerde ik iedereen op liters limonade en honderd kilo chocolade.

Kijk, nu betrap ik me er weer op. Dat ik me laat meevoeren op het zachte wolkenbed dat me richting dromenland leidt. Daarbij voor het gemak mijn bestaan als armzalige student even negerend. Mijn punt is: ik ben een geboren dromer. Ik heb het in zekere zin altijd al gedaan en ik ben ervan overtuigd dat het zelfs met wat duw- en trekwerk niet meer uit mij te krijgen is. En gelukkig maar.

In mijn tienerjaren hield ik er een dromenboekje op na. De man van mijn dromen, de gewenste kleur van mijn droomauto en het hondenras dat ik later op het schapenvelletje voor mijn open haard wilde aantreffen, stonden er uitgebreid in beschreven. Ik zag geen detail over het hoofd. Je weet maar nooit dat ik tijdens een boswandeling een magische lamp zou aantreffen en plots met mijn mond vol tanden zou staan zonder iets te kunnen bedenken om te wensen. Dat zou mij nooit overkomen. Ik had mijn voorzorgen genomen.

Tijdens de overstap van zorgeloze tiener naar zoekende twintiger moest mijn dromenboekje wijken voor een dromen-jar. Die had ik gevuld met papiertjes die mijn diepste wensen en ambities bevatten. Daar was ik toch mooi een hele middag zoet mee. Sommige dromen kon ik intussen van mijn lijst schrappen. De tijd dat ik een date voor het schoolbal wilde strikken, ligt helaas al even achter me. En ook een boek schrijven voor mijn twintig kon van de lijst geschrapt worden wegens niet meer haalbaar (Al heb ik de deadline gewoon wat verlaat toen ik hem opnieuw noteerde voor in mijn jar). Toch waren er veel dingen die ongewijzigd bleven. Zoals mijn ambitie om een herstelwinkeltje voor pennen te beginnen, mijn wens om de tango te leren en mijn droom om op de leeftijd van 40 jaar een Tupperware-avond te organiseren (geen commentaar). Grappig eigenlijk hoe alles doorheen de jaren zo anders is geworden, maar tegelijk zo hetzelfde is gebleven.

Onlangs werd ik 23 jaar. En zoals het verjaardagen traditioneel vergaat, drong een kort maar krachtig reflectiemoment zich op. Daarbij moest ik met pijn in het hart vaststellen dat mijn dromen gevangen zitten in een soort ingewikkelde paradox. Enerzijds zijn ze vanwege schoolwerk en de drukte en chaos van mijn leven in het algemeen nog nooit zo ver op de achtergrond verdwenen. Anderzijds zijn ze nu belangrijker dan ooit. Ik moet met lede ogen toekijken hoe dromen die al lang gerealiseerd hadden moeten worden, alweer een plaatsje dalen op mijn to do-lijst. En dit besef doet me pijn, alsof er iemand met een vork in mijn hart prikt.

Momenteel zie ik maar één oplossing: ik moet ingrijpen en snel. Ik wikkel mijn snoepkleurige dons helemaal om me heen en draai me nog een laatste keer om in bed. “Morgen begin ik eraan. Vanaf morgen komen mijn dromen uit.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s